Hoe werkt de darm?
De darm is een belangrijk
onderdeel van het
spijsverteringsstelsel. Met
het spijsverteringsstelsel
worden alle organen bedoeld
die samen zorgen voor de
voedselvertering.
De darm bestaat uit twee
delen: de dunne en de dikke
darm.
Dunne darm
In de dunne darm worden
belangrijke verteringssappen
aan het voedsel toegevoegd.
Hierdoor verteert het
voedsel waarna de bij de
vertering vrijkomende
voedingsstoffen aan het
bloed worden afgegeven. Dit
zijn de bouwstoffen en de
brandstoffen voor het
lichaam. De rest, een dunne,
onverteerbare massa stroomt
de dikke darm in.
Dikke darm
De dikke darm onttrekt water
en zouten aan de brij
waardoor de ontlasting wordt
ingedikt. Wat overblijft is
de normale vaste ontlasting.
Deze wordt door het
samentrekken van de dikke
darm voortgeduwd naar het
laatste deel van de darm: de
endeldarm. Als deze vol is,
krijgt u ‘aandrang’, het
signaal om naar het toilet
te gaan. Een volwassen mens
heeft gemiddeld 100 tot 200
gram ontlasting per dag.
De
delen van de dikke darm
De dikke darm is in totaal
ongeveer 150 cm lang en kan
in een aantal delen worden
onderscheiden (zie
tekening).

Rechts in de buik ligt het
opstijgende deel (A: het
colon ascendens), waar de
dunne darm in uitmondt. Ook
zit aan dit deel het
wormvormig aanhangsel (de
appendix) vast.
Nabij de lever gaat de dikke
darm over in het dwars
verlopende deel (B: het colon transversum), dat
onder de maag langs naar
links verloopt.
Nabij de milt gaat de dikke
darm over in het afdalende
deel (C: het colon
descendens), dat in de
linker onderbuik een S-bocht
maakt (D: het sigmoïd).
In het kleine bekken gaat
het sigmoïd over in de
endeldarm (E: het rectum)
die eindigt bij de
sluitspier, de anus.
|